zondag 9 maart 2008

Het avontuur NABA

Mijn eerste week aan de NABA: italian efficiency, deel 2.... Laten we zeggen dat je zo'n eerste week vooral moet observeren. En alles gewoon over je heen moet laten komen. Bij alle lessen ben ik enigszins een vreemde eend in de bijt. Studenten en leraren kennen elkaar al van het eerste semester. En ineens zit er zo'n lange, blonde tussen. Ma chi è? En wat doet ze hier? Mijn komst is niet altijd aangekondigd en van een semester volgen met wat keuzevakken, hebben de meesten nog nooit gehoord. Maar, ach, het zal wel.
Wat in ieder geval nog maar eens bevestigd wordt deze week: Italianen houden van praten! Bovendien vertonen ze altijd een enorm groepsgedrag. Wat je ziet in Italiaanse dorpjes, op pleinen, bij barretjes of ijszaken, zie je ook op de academie. Uren kunnen ze zich vermaken met wat hangen bij elkaar, kletsen, veel telefoneren. Dan haakt er nog iemand aan, een ander gaat weg, komt even later weer terug. Tussen de lessen door, maar soms ook tijdens de lessen zelf. En waar het over gaat? Boh!

Maandag start met kunstgeschiedenis. Met een plattegrond van de Campus dwaal ik rond, zoekend naar het gebouw waar ik moet zijn en vervolgens naar mijn klas. Help, ik waan me bijna twintig jaar terug in de tijd, eerste dag middelbare school. Uiteraard ben ik te laat - een paar minuten maar - maar volgens Italiaanse begrippen ben ik dan nog veel te vroeg. De docente komt hooggehakt twintig minuten later aanzetten en loopt vervolgens net zo lang met computer en presentatie te prutsen. Je zou zeggen dat ik hier goed zou kunnen wennen, maar dit totale gebrek aan structuur...nee, daar ben ik dan toch weer te Nederlands voor. Moet gezegd, de inhoud van de les - dat wat ervan over is - is wel boeiend: over licht in de kunst. Lichtgraffiti, installaties met licht in de beeldende kunst en toepassing en effect van licht in ruimtes. Geen thema dat ik direct zou verwachten bij kunstgeschiedenis. Ook niet iets waar ik me snel in zou verdiepen. Er gaan echt nieuwe deuren open! Wat een feest! Er komt een dozijn namen langs die ik met enige moeite weet te ontcijferen. Mijn huiswerk bestaat deze week voornamelijk uit zoeken in boekhandel en op internet naar wat ik allemaal gezien en gehoord heb. En dan de inhoud van de lessen reconstrueren...

Dinsdag antropologie. De docenten passen uiterlijk in ieder geval wel bij het vak dat ze geven. Deze keer een verschijning in joggingbroek en slobbertrui. En les? Iedere student kan individueel overleggen met de docente in welk thema - boek - ze zich gaan verdiepen voor de examens in juni. Afijn, ondertussen lees ik Carlo Levi uit, immers ook een beetje antropologie. De studenten na ons zijn helemaal de dupe. Onze les loopt uit door alle individuele gesprekken. Maar ook door de sigaretten die de juf tussendoor moet roken buiten. Én de telefoontjes met haar kleinzoon die zonder uitzondering allemaal beantwoord worden (drie in twee uur tijd). De volgende groep heeft dan maar geen les, want de juf heeft ook nog andere dingen te doen.

In de middag regie. De koffie na de lunch sla ik over, want geen tijd. De les begint!!! Na wat speurwerk vind ik het gebouw en het lokaal, zo ver weggestopt en zo hermetisch afgesloten dat ik me wel vergist moet hebben. Ik zie ook nog geen studenten in de directe nabijheid of aanstalten maken om richting het betreffende lokaal te lopen. Toch maar even navragen bij het secretariaat: 14 uur? Ja, ach, maar het is pas 14.15 uur en dan zo net na de lunch...wacht nog maar even tien minuutjes. Uiteindelijk arriveert met veel zwier een Italiaan 'classico': pak; woeste, grijze haardos; zonnebril; bruine, glimmend gepoetste schoenen; telefoon in de ene hand en sleutels van de - waarschijnlijk te grote - auto in de andere hand (waar, zie ik later, wel twee mini-winnie de poeh's aanhangen). Ik spring de man tot zijn grote schrik bijna in zijn nek, vastberaden hem geen seconde uit het oog te verliezen, want je weet maar nooit. Op weg naar het lokaal, raak ik hem ergens tussen de lift en trap alsnog kwijt. Aaaah......! Uiteindelijk vind ik hem terug in de gang waar hij geanimeerd in gesprek is met collega's. Op een gegeven moment dan toch bestemming bereikt. De les gaat voornamelijk over het stuk 'Nora of het poppenhuis' van Henrik Ibsen, waar de studenten in het eerste semester naartoe zijn geweest. Een stuk onder regie van Il Professore himself. Voordat ik de link heb gelegd met Ibsen is de les al weer ver voorbij. Leuk vooruitzicht voor volgende week: les in het theater. Als ik het weet te vinden, heet dat. En de rest van de klas, inclusief docent, aanwezig is.

Woensdag rustdag. Nodig om bij te komen van deze uitputtingsslag. Het lijkt een keerpunt, de tweede helft van de week lijkt er verbetering in te zitten. Of went een mens nu eenmaal heel snel??

Donderdag begint de lesdag om 10 uur. Ik doe alles op mijn dooie akkertje, we zullen toch wel later beginnen. Maar niets is minder waar deze keer. De docent van het vak 'perceptietheorie' is er een van duidelijkheid en discipline. Twee studentes die een (naar later blijkt slaapverwekkende) presentatie moeten geven, komen te laat. En krijgen danig op hun kop. Te laat, slechte presentatie, halve inhoud. Alsjeblieft. Vervolgens is het twee uur onderricht uit James Scott's Domination and the Art of Resistance. Een grote dosis antropologie, sociologie en psychologie. Valt nog niet mee om alles goed te kunnen volgen. Maar de opluchting wint het...eindelijk orde en inhoud. Later deze week koop ik het boek en ook met het boek erbij is het heavy stuff. Ik mag blij zijn als ik ook maar de helft ervan zal begrijpen. Na wat passages gelezen te hebben - woordenboek maakt overuren - begin ik ook hier heel voorzichtig de link te zien tussen:
- het thema van dit semester 'invisibilità' (het onzichtbare, dingen die verborgen zijn),
- het boek, dat de verhouding schetst tussen machthebbers en onderdrukten en op welke manieren deze laatsten toch hun stem laten horen en
- perceptietheorie (in een vrije vertaling van mij): niet alles is wat het op het eerste gezicht lijkt te zijn.
Poe, poe....

Vrijdag lijkt weer een herhaling te worden van het begin van de week. Alhoewel de docente op tijd is. Haar zeer geïnteresseerd kijkende assistent, wiens functie mij nog onduidelijk is, zou zo een reïncarnatie van Fidel Castro kunnen zijn, ware het niet dat de echte nog steeds levend rondloopt. Ook hier weer praten, praten, praten en al die tijd blijf ik hoop houden dat het zal leiden tot iets concreets. Het einde van de les bestaat vooral uit het individueel bespreken van praktijkopdrachten met de docente. Twee of drie maken daar gebruik van en de rest klit en hangt samen, allemaal om de docente heen. Ik sla het even gade maar werp me er uiteindelijk maar tussen om de aandacht van de juf op te eisen. Met succes. Een lesprogramma is er niet, nog niet, maar de praktijkopdrachten zijn wel al bekend: een fotografische 'autobiografie' en 'ik en de anderen'. Dat klinkt wel leuk. En tig tentoonstellingen bezoeken, maar daar was ik al ijverig mee bezig.

In de middag filmgeschiedenis. Met een docent oude stempel. Die de klas telkens tot stilte maant en ons 'bestie' (beesten...) noemt. Maar er zit snelheid, scherpte en humor in. Ook qua films is het veel uit de oude doos: Hitchcock, Billy Wilder. Het duurt minder lang om de titels van films te decoderen, maar het blijft vreemd in het Italiaans. "La finestra sul cortillo" voor "Rear window" en "A qualcuno piace caldo" voor "Some like it hot". Het huiswerk is meer van deze tijd: de nieuwe van Sean Penn (mijn favoriet): into the wild. En van de Coen brothers: no country for old men.

Boeiend, deze eerste week, in velerlei opzichten... Ondanks het gebrek aan structuur, lijkt het met de inhoud wel goed te zitten. Wat me opvalt, net als tijdens mijn jaartje studeren in Frankrijk: studenten zijn hier veel meer gewend aan een filosofische benadering van onderwerpen. In beide landen krijgen jongeren op de middelbare school les in filosofie. Dat zouden ze in Nederland nu ook eens moeten doen.

Geen opmerkingen: